Naar een nieuw openbaar vervoer

Het openbaar vervoer wordt hertekend. Vroeger was er voor elk woongebied in Vlaanderen een aanbod, ongeacht het aantal reizigers. In de nieuwe aanpak wordt het openbaar efficiënter ingezet. Het moet sneller, frequenter en betrouwbaarder, met voldoende mogelijkheden om over te stappen en te combineren. De gemeenten krijgen meer inspraak. 

Het  Vlaams decreet Basisbereikbaarheid beschrijft deze nieuwe aanpak. 

Op woensdag 3 april 2019 werd het ontwerp van decreet Basisbereikbaarheid aangenomen door de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement. Op 22 juni 2019 trad het decreet in werking. Ondertussen wordt er nog steeds gewerkt aan verdere regelgeving om uitvoering te geven aan het decreet. Zo werd er bijvoorbeeld een regelgevend kader voor mobipunten gecreëerd. Het decreet en alle aanverwante regelgeving kan je hier bekijken.

Het openbaar vervoer wordt opgedeeld in vier lagen:

Op woensdag 3 april 2019 werd het ontwerp van decreet Basisbereikbaarheid aangenomen door de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement. Op 22 juni 2019 trad het decreet in werking. Ondertussen wordt er nog steeds gewerkt aan verdere regelgeving om uitvoering te geven aan het decreet. Zo werd er bijvoorbeeld een regelgevend kader voor mobipunten gecreëerd. Het decreet en alle aanverwante regelgeving kan je hier bekijken.

  • Treinnet: de ruggengraat van het openbaar vervoer 
  • Kernnet: frequente, snelbussen en sneltrams met weinig haltes, die de grote knopen verbinden 
  • Aanvullend net: bussen en trams met vele haltes die de reizigers naar het kernnet brengen 
  • Vervoer op maat: in afgelegen gebieden 

De Vervoerregio Antwerpen tekent samen met De Lijn en de gemeenten het kader uit voor dit nieuwe netwerk. De nieuwe mobiliteitsknopen worden vastgelegd, met oog voor hun onderlinge samenhang en hun relatie tot de ruimte.